Vragen om verduidelijking…

Als onze eigen overtuiging ontbreekt in wat wij zeggen, dan klinken persoonlijke bezwaren door in de woorden die wij kiezen. Als de scherpte in ons denken ontbreekt, dan klinkt dat door in de taal die wij gebruiken.

Wij kunnen namelijk niet niet communiceren, oftewel wij communiceren altijd, ook als wij niets zeggen kan dat veelzeggend zijn. In taal (en non-verbaal) brengen wij tot uitdrukking wat wij denken, vinden en voelen. Gedachten zijn echter niet altijd zó doordacht dat wij deze ook helder verwoorden.

Als bijvoorbeeld wordt gezegd “Een klein ogenblik” dan zijn dit in één zin drie overtredingen die aandacht vragen… Want wat is de betekenis van “Een”, is dat werkelijk één enkele of is ‘een’ meer overdrachtelijk bedoeld en gaat het om de woorden “klein” en “ogenblik”? Hoe klein is het woord “klein” werkelijk, en zeker in combinatie met het woord “ogenblik” want een “ogenblik” is op zichzelf al “klein”. Dus moet het hier wel over iets heel kleins gaan… De verwachting is nu gewekt dat het moment heel kort tijd van ons vraagt, de werkelijkheid blijkt vaak een andere, want slechts zelden is “een ogenblik” in werkelijkheid “klein” en een “klein ogenblik” nog kleiner. Dit kan weerstand oproepen bij hen die “geen tijd’ hebben. Terwijl ook deze overtreding vraagt om aandacht, want wat betekent “geen tijd”, we hebben toch allemaal evenveel tijd? 

Een ander voorbeeld is “het management moet het goede voorbeeld geven”. Een zin met ten minste vijf overtredingen. Want wie wordt precies bedoeld met “het management”, is dat één persoon of zijn dat er meer? Het management “moet” iets, maar stel dat zij “het” niet niet doe(t)(n), wat gebeurt er dan? Wat wordt er precies bedoeld met ‘goed’, wanneer is het voorbeeld ‘goed’, wat wordt precies bedoeld met “voorbeeld” en hoe gaat “het goede voorbeeld geven” precies in zijn werk?

Vaagheden zorgen ervoor dat een uitspraak multi-interpretabel is, de uitspraak kan meerdere betekenissen hebben. In gesprekken het beste uit elkaar halen verlangt respectvol terugleggen wat je de ander hoort zeggen of wat je de ander ziet doen, wat je zelf ervaart én vragen om verduidelijking. Vragen om verduidelijking is vaagheden in taal uitdagen door door te vragen naar de precieze betekenis, in de context waarin de uitspraak is gedaan. 

“Het enige moment waarop je echt communicatie hebt is als twee mensen de taal even goed of even slecht spreken.”